Overwegingen

Duh (Duh et al., 2009) heeft een literatuurreview verricht naar de medische kosten die gepaard gaan met generieke substitutie (gebaseerd op gegevens uit verzekeringsdatabases) en concludeert dat de lagere kosten van de middelen niet opwegen tegen de stijging van de overige medische kosten (meer opnames en doktersbezoek, meer gebruik van andere geneesmiddelen).

De NICE-richtlijn 2012 (NICE-richtlijn, 2012) geeft als algemene aanbeveling met betrekking tot generieke substitutie: “Een consistente levering van een preparaat van een bepaalde fabrikant wordt aanbevolen, tenzij de voorschrijvende arts, in overleg met de patiënt, van mening is dat dit niet belangrijk is. Verschillende preparaten van anti-epileptica kunnen variëren in biologische beschikbaarheid of farmacokinetisch profiel en daarom moet men alert zijn op een verminderde werking of een toename van bijwerkingen.”

De American Academy of Neurology (AAN) is van mening dat substitutie van een specialité door een generiek middel alleen kan met toestemming van de behandelend arts (en van de patiënt), omdat kleine verschillen in samenstelling al kunnen leiden tot terugkeer van aanvallen, met mogelijk ernstige gevolgen (Liow et al., 2007).

De Italian League Against Epilepsy (Perucca et al., 2006) beveelt aan om het voorschrijven van een generiek middel te overwegen en te bespreken met de patiënt bij de start van een nieuw middel (initiële monotherapie, omschakelen naar alternatieve monotherapie of start van add-on therapie), of wanneer een patiënt tijdens gebruik van een specialité niet aanvalsvrij is. Dit doet zij op grond van de weinige literatuur die er is, en op grond van het gegeven dat kleine verschillen in plasmaconcentraties kunnen leiden tot terugkeer van aanvallen bij patiënten die aanvalsvrij zijn. Bij patiënten die volledig aanvalsvrij zijn bij gebruik van een specialité, wordt aanbevolen niet van middel te veranderen.

In 2013 verscheen de "Handleiding geneesmiddelensubstitutie" van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP). In deze handleiding wordt expliciet geadviseerd om bij anti-epileptica vanwege de indicatie epilepsie niet te substitueren.

Eén van de problemen bij substitutie is dat er geen garantie is dat steeds hetzelfde generieke middel (zelfde fabrikant) wordt afgeleverd. Als de apotheek deze garantie wel kan bieden, is het volgens de werkgroep verantwoord om één keer te wisselen naar een generiek middel. Als substitutie niet wenselijk is moet op het recept vermeld worden dat er een medische noodzaak is voor het voorschrijven van het specialité.