Vastgesteld: 15 november 2013

Inleiding

Patiënten met epilepsie worden primair behandeld met anti-epileptica (AE). Doel van de medicamenteuze behandeling is het effectief voorkómen van nieuwe epileptische aanvallen zonder het optreden van bijwerkingen. Bij de behandeling moet een groot aantal keuzes en afwegingen worden gemaakt:

De behandeling dient te zijn toegesneden op het individu. Belangrijk uitgangspunt is dat alle keuzes en afwegingen bij de behandeling altijd expliciet met de patiënt dienen te worden besproken.

De richtlijn beperkt zich tot in Nederland geregistreerde anti-epileptica.