Overwegingen

Twee (niet-systematische) reviews kijken of medicamenteuze behandeling bij kinderen met een Rolandische epilepsie geïndiceerd is. Hughes (Hughes, 2010) analyseerde 110 aanbevelingen uit 96 artikelen. In het algemeen was 66% vóór behandeling en 33% tegen behandeling met anti-epileptica. De afwegingen om te starten met medicatie of hiervan af te zien zijn heel divers. Daardoor wordt ook de afgrenzing van de groep die wel of niet voor behandeling in aanmerking komt lastig vast te stellen.

Ook Shields and Snead (Shields & Snead, 2009) hebben een review uitgebracht over dit probleem. Na het bekijken van diverse studies voor en tegen behandeling stellen zij dat er geen reden is om anti-epileptica te starten met als doel een status epilepticus in de toekomst te voorkomen, de kans op SUDEP (sudden unexpected death in epilepsy) te verlagen, het natuurlijk beloop te beïnvloeden, een meer maligne beloop van de epilepsie te voorkomen, of de angst van ouders te beïnvloeden. Daarnaast stellen zij dat er onvoldoende bewijs is dat behandeling met anti-epileptica cognitieve problemen zou beïnvloeden. Behandeling van de aanvallen is wel geïndiceerd bij frequente focale aanvallen, focale aanvallen overdag en/of frequent optreden van bilaterale aanvallen.

Recent is een prospectieve trial gepubliceerd (Tacke et al., 2016). Hierbij werd bij kinderen met Rolandische epilepsie behandeling met Sulthiame (Ospolot) vergeleken met behandeling met levetiracetam. Door het ontbreken van een controlegroep konden geen duidelijke conclusies worden getrokken. Ook is geen intention-to-treat analyse uitgevoerd. De auteurs zelf beschrijven een verbetering op de door ouders gerapporteerde gedragsproblemen. Behandeling met levetiracetam was overigens niet zonder risico. 5/22 kinderen moesten stoppen met behandeling vanwege bijwerkingen waarvan 2 in verband met het ontwikkelen van zelfmoordgedachten. De studie werd deels gefinancierd door UCB Pharma. 

De werkgroep is van mening dat in de keuze van medicatie voor de behandeling van een benigne Rolandische epilepsie zowel aanvalsvrijheid als het optreden van bijwerkingen in de afweging moeten worden meegenomen. In individuele gevallen kan de zorg over het eventueel optreden van bijwerkingen reden zijn om een specifieke keuze qua medicatie te maken.

De werkgroep steunt de in de literatuur veel verwoorde mening dat behandeling van de aanvallen geïndiceerd is bij frequente focale aanvallen, focale aanvallen overdag en/of frequent optreden van bilaterale aanvallen.