Overwegingen

De werkgroep is van mening dat het bepalen van paraneoplastische antilichamen zinvol kan zijn bij therapieresistente epilepsie of epilepsie in combinatie met cognitieve en/of neuropsychiatrische verschijnselen. Over epilepsie in combinatie met paraneoplastische en niet-paraneoplastische antilichamen zijn recent enkele reviews gepubliceerd (Bien & Scheffer, 2011; Irani et al., 2011). De lijst van antilichamen die gedetecteerd kunnen worden is lang en neemt nog steeds toe. De klinische implicaties van het vinden van een antilichaam en de keuze van behandeling is nog niet uitgekristalliseerd. Het bewijs is met name afkomstig van artikelen die patiënten casuïstiek beschrijven. Gerandomiseerde klinische trials zijn niet beschikbaar

De ziektebeelden die op kunnen treden bij de aanwezigheid van antilichamen zijn divers. Er is daarom geen standaardbatterij van antilichamen die bepaald moeten worden in het geval van epileptische aanvallen in combinatie met cognitieve en/of neuropsychiatrische symptomen. De keuze van aanvullende diagnostiek moet gebaseerd  worden op de begeleidende symptomen en bevindingen bij overig aanvullend onderzoek. Het kan raadzaam zijn om met een gespecialiseerd centrum te overleggen.

Quek et al. (Quek et al., 2012) beargumenteren dat immunotherapie zinvol kan zijn bij de aanwezigheid van een paraneoplastisch syndroom en therapieresistente epilepsie.

Een bepaling van antilichamen kan aangevraagd worden in het Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam. Kies voor het aanvraagformulier Immunologisch laboratoriumonderzoek (eerste bullit).